Stappentellers

Hoe nauwkeurig is een stappenteller eigenlijk

Redactie Redactie
· · 4 min leestijd

Je loopt de hele dag rond, en ’s avonds staat er 2.300 stappen op je horloge. Echt?

Inhoudsopgave
  1. Hoe werkt een stappenteller nou eigenlijk?
  2. Waarom de ene stappenteller meer telt dan de andere
  3. Wat betekent dit voor iemand in herstel?
  4. Conclusie: vertrouw het getal, maar niet blind
Inhoudsopgave
  1. Hoe werkt een stappenteller nou eigenlijk?
  2. Waarom de ene stappenteller meer telt dan de andere
  3. Wat betekent dit voor iemand in herstel?
  4. Conclusie: vertrouw het getal, maar niet blind

Of heb je gewoon veel aan het staan gezeten met een onrustige hand? Ik vraag het niet zomaar. Want de nauwkeurigheid van stappentellers is een van die onderwerpen waar veel mensen vanuit gaan dat het klopt — terwijl de werkeld vaak weerbarstiger is dan we denken.

Hoe werkt een stappenteller nou eigenlijk?

De meeste stappentellers — of het nu een smartwatch, telefoonapp of losse podometer is — gebruiken een versnellingsmeter.

Dat is een klein sensorje dat beweging meet. Als je arm of lichaam een bepaalde beweging maakt, registreert het apparaat dat als een stap. Simpel, toch? Maar hier zit het addertje onder het gras: niet elke beweging is een stap. En niet elke stap wordt als zodanig herkend.

Dat merk ik ook bij mensen die herstellen na chemo. Ze zetten een stap, maar hun arm beweegt anders dan vroeger.

Of ze duwen een wagentje, en de arm staat stil. Dan telt de stappenteller te weinig.

Aan de andere kant: iemand die veel met handen bewerkt — koken, vouwen, schoonmaken — kan ’s avonds verbaasd kijken dat hij toch al 5.000 stappen heeft. Terwijl hij amper de deur uit is geweest.

Waarom de ene stappenteller meer telt dan de andere

Er zit best wat verschil tussen apparaten. Een Apple Watch en een Xiaomi-bandje meten niet hetzelfde, ook al dragen ze dezelfde technologie.

Het verschil zit hem in de algoritmes: de software die bepaalt wat wél en wat géén stap is. Fitbit gebruikt bijvoorbeeld een ander patroon dan Garmin.

En een telefoon in je achterzak meet weer anders dan een horloge aan je pols. Wat me opvalt is dat duurdere apparaten niet per se nauwkeuriger zijn. Soms zelfs niet. Een dure smartwatch met twintig sensoren kan overcompenseren — en dus te veel tellen. Een eenvoudige podometer aan je broekriem, zoals die oude modellen van Withings, is soms eerlijker.

Omdat hij alleen meet wat er écht gebeurt: verticale beweging van het bekken.

Telefoon versus horloge: wie wint?

Je telefoon zit niet altijd bij je. Op tafel, in je jas, op de bank. En toch verwachten we dat hij je stappen nauwkeurig bijhoudt. Dat werkt matig.

Een horloge zit wel de hele dag aan je pols, maar meet armbeweging in plaats van stappen. Voor mensen die normaal lopen, is dat geen probleem.

Maar voor iemand die langzaam herstelt, met een kruk of een rollator, kan het flink afwijken.

Eerlijk gezegd? Voor de doelgroep waar ik mee werkt, raad ik vaak een simpel horloge met stappenteller aan. Geen smartwatch met hartslag, slaaptracking en meldingen.

Gewoon een duidelijk scherm, een lange batterijduur, en een getal dat je vertrouwt. Soms is minder echt meer.

Wat betekent dit voor iemand in herstel?

Stel: je hebt chemo gehad. Je energie is beperkt.

Je arts zegt: probeer elke dag wat te bewegen, maar overdrijf niet.

Dan wil je toch een beetje zitten waar je staat. Maar als je stappenteller twintig procent afwijkt — en je denkt dat je 4.000 stappen hebt, terwijl het er 3.200 zijn — dan bou je op een vals vertrouwen. Of je schaamt je voor niets.

Daarom zeg ik altijd: kijk niet naar het exacte getal. Kijk naar het patroon.

De ideale pasfrequentie telt mee

Loopt het elke dag een beetje op? Dan ga je de goede kant op. En als je stappenteller plots van 3.000 naar 7.000 springt zonder dat je iets anders deed — dan weet je dat je stappenteller te weinig of te veel telt, niet dat je wonderbaarlijk bent hersteld. Interessant detail: de meeste stappentellers zijn het meest betrouwbaar bij een pasfrequentie tussen de 100 en 120 stappen per minuut.

Dat is een rustig, normaal tempo. Net boven het drempeltje waarop het apparaat beslist: dit is lopen, dit is staan.

Loopt iemand langzamer — wat heel normaal is na behandeling — dan kan het apparaar stappen missen. Loopt iemand sneller, en dus harder, dan kan het tellen overschieten. Dat vind ik trouwens een mooie les voor herstelwandelen: je hoeft niet snel te zijn.

Je hoeft niet veel te tellen. Je moet gewoon bewegen op een tempo dat bij je lichaam past. Zonder pijn. Zonder gejaagdheid. En als je stappenteller dat niet perfect meet — nou ja, dan is het goed ook.

Conclusie: vertrouw het getal, maar niet blind

Een stappenteller is een hulpmiddel. Geen rechter. Het geeft je een richting, geen absolute waarheid.

En dat is prima. Want uiteindelijk draait het niet om of je precies 10.000 stappen hebt gezet.

Het draait om of je vandaag weer iets meer hebt bewegen dan gisteren. Of je je beter voelt. Of je zonder overbelasting naar bed kunt gaan.

Dus: gebruik je stappenteller. Bekijk het getal. Maar luister vooral naar je lichaam. Want die meet veel nauwkeuriger dan welke sensor ook.


Redactie
Redactie
✓ Geverifieerd auteur ✓ Stappentellers
Redactie
Redactie

Meer over Stappentellers

Bekijk alle 180 artikelen in deze categorie.

Naar categorie →
Lees volgende
Analoge stappenteller vs digitale stappenteller
Lees verder →